1102 18 DECEMBER 1931 geen belasting maar ondernemingswinst. De heer H man moet maar eens informeeren bij zijn partijgenoo n in andere steden, dan zal hij tot de ervaring komen, dat men er thans in geen enkele groote stad aan denkt de tarieven te ver lagen, ook al is de winst nog zoo hoog. Men moet ook wel bedenken, dat de begrooting weliswaar sluitend is gemaakt, maar dat er eenige onzekere factoren zijn. Daarom is het noodig, dat men de ruim 23.000.welke met verlaging der electriciteitstarieven gemoeid zouden zijn, uitspaart. Voor den kleinen burgerman beteekent handhaving der huidige tarieven zeer weinig; in elk geval is het voor hem voor- deeliger dan dat men met belastingverhooging komt, want men kan die 23.000.gulden hoogstwaarschijnlijk niet missen. In normale tijden zou er voor tariefsverlaging wat te zeggen zijn, doch nu acht Spr. dit niet verantwoord. Als de financieele toestand weer wat opgeklaard is, zullen Bur gemeester en Wethouders zonder twijfel met een voorstel in die richting komen. Men mag nog blij zijn, dat hier met handhaving der huidige tarieven volstaan kan worden; som mige gemeenten gaan haar tarieven zelfs verhoogen om de begrooting sluitend te maken; dat is veel onaangenamer. Den heer Haaiman kan Spr. antwoorden, dat de post .rente van belegd kapitaal" voor 1932 lager geraamd is dan verleden jaar tengevolge van het feit, dat de schadeloos stelling aan Princenhage voor een deel uit het reserve-fonds betaald is geworden. De heer LOONEN verklaart, dat bij hetgeen hij zooeven ten aanzien van de reserves heeft opgemerkt, de bedoeling voorzat, dat deze in normale tijden voor uitbreiding enz. der bedrijven zouden worden gebruikt. Met het denkbeeld van den heer Haaiman om uit die reserves te putten, indien de winst beneden de raming mocht blijven, kan Spr. niet meegaan. Hij heeft met genoegen van den Wethouder ver nomen, dat de tarieven hier aan den lagen kant zijn en kan zich nu met het voorstel om het huidig tarief te handhaven, vereenigen.

Raadsnotulen en jaarverslagen

Breda - Notulen van de gemeenteraad | 1931 | | pagina 1102